Ergens heb ik gelezen dat oude zielen geen waarde hechten aan geld. Als dat zo is, dan ben ik een stokoude ziel. Want ik geef helemaal niets om geld. Het interesseert me echt helemaal geen ene fluit. Dat is lastig in deze maatschappij waar alles alleen maar om geld draait. Ik ben me er namelijk terdege van bewust dat ik geld nodig heb om hier te kunnen overleven.

 

Geld houdt mij niet warm

Het enige vervelende aan mijn werk vind ik de financiële kant. En dan bedoel ik ook werkelijk alles wat daar mee te maken heeft. Verschrikkelijk vind ik het. “Je stuurt me hier wel een rekening voor hoor”, krijg ik dan ook regelmatig te horen. Het is niet dat ik vind dat ik mijn werk niets waard is, maar dat geld zegt mij zo weinig. Want wat is het nou helemaal? Een vodje papier met wat getalletjes erop. Ik kan er niks mee. Een trui houdt me lekker warm als het koud is. Een brood voedt me als ik honger heb en een kop thee lest mijn dorst. Maar geld…….

 

Het zijn maar getalletjes

Tegenwoordig zie je zelfs dat vodje papier al niet eens meer. Je betaalt door een stukje plastic in een machientje te stoppen. Op een computer zie dan de getalletjes die op een bankrekening staan veranderen. Ik kan daar niks mee, getalletjes op mijn computerscherm die veranderen en dan zou ik meer of minder geld hebben. Zou ik hier een stapel goudstaven hebben liggen, dan kan ik me daar nog iets bij voorstellen. Maar die getalletjes……

 

Mijn grootste beloning……

Het allerliefst zou ik in alles zelf willen kunnen voorzien. Mijn eigen eten verbouwen, mijn eigen stroom opwekken, mijn eigen wol spinnen, mijn eigen kleding maken. Maar in mijn eentje wordt dat toch een beetje moeilijk. Te weinig tijd in een dag en zo.

Mijn werk, dat doe ik niet om het geld. De grootste beloning die ik kan krijgen, is als iemand me vertelt dat ze weer lekker in haar vel zit en weer van het leven kan genieten. Of dat een kindje zich weer lekker voelt en zich volop ontwikkelt. Dat is waar het mij om gaat. Een simpele terugkoppeling als iemand bij mij is geweest voor hulp en mij even laat weten dat het beter gaat. Dat is mijn beloning.

 

Hulp komt uit mijn hart

Leven vanuit mijn hart, dat is wat ik zo veel mogelijk probeer te doen. De grootste concessie die ik daaraan tot nog toe moet doen, is alles wat met geld te maken heeft. Soms heb ik daar een beetje hulp bij nodig. Soms moet ik er even aan herinnert worden dat ik geld behoor te vragen voor de hulp die ik bied. Want die hulp komt uit mijn hart, en daar hangt voor mij geen financieel prijskaartje aan.

 

 

 

 

(140)